Kaatje De Meester: "Spreken voor een groep blijft voor mij een uitdaging"

Na vijf jaar lesgeven in het buitengewoon onderwijs ging Kaatje een nieuwe uitdaging aan. Ze dook de jongerenpastoraal (IJD) in en werd jongerenpastor. Een verrijking, zegt ze zelf, maar het onderwijs blijft trekken.

Kaatje, jij bent afgestudeerd als Leraar Lager Onderwijs. Waarom koos je voor die opleiding?

In het vijfde middelbaar wist ik het al. Ik zat in de chiro en ik vond het geweldig om met kinderen bezig te zijn. Ze zijn zo eerlijk en open van geest. Ze kunnen en moeten nog zoveel leren. Het idee dat je ze dingen kan leren die ze hun hele verdere leven nodig gaan hebben of gaan gebruiken, dat sprak me heel erg aan. En dat voelde ik sterker bij het Lager Onderwijs dan bij het Secundair. Je leert er lezen, schrijven en rekenen: basiscompetenties die je altijd en overal nodig hebt.

 

Toch heb je daarna voor jongeren en jongerenpastoraal gekozen?

Ja, hoewel niet meteen na mijn opleiding. Na mijn banaba heb ik eerst vijf jaar lesgegeven in het Buitengewoon Onderwijs. Tegelijkertijd was ik vrijwilliger bij IJD. Ik ging mee op kamp, eerst als deelnemer, later als begeleider en ik nam deel aan allerlei activiteiten. Ik hield van het lesgeven en het werken met kinderen, maar ik zat een beetje vast. En omdat ik wel houd van een uitdaging, heb ik de sprong gewaagd. Toen werd mijn vrijwilligerswerk ineens mijn job! Intussen ben ik vrijwilliger bij het Rode Kruis, waar ik ook lessen eerste hulp geef. Voor mij is dat belangrijk.

 

Wat houdt je job precies in?

Ik ben een van de zeven medewerkers van de jongerenpastoraal in het bisdom Antwerpen. We werken voor de jeugd binnen de kerk.  Concreet houd ik me bezig met de voorbereiding van ons zomerkamp, JEP!, en de cursus animator die met alle bisdommen samen wordt georganiseerd. En 30% van mijn tijd ben ik jongerenpastor in Lier, waar ik samen met vrijwilligers vieringen en andere activiteiten organiseer voor, met en door jongeren. Het is niet ons doel om kerken te vullen. We willen hen in de eerste plaats het geloof laten ervaren. Op kamp, bijvoorbeeld, zijn er gebeds- en bezinningsmomenten, maar het staat jongeren vrij om daaraan deel te nemen. In Lier hebben we op de kerstmarkt gestaan met Light a Candle en hebben we mensen uitgenodigd om een kaarsje aan te steken voor iets of iemand. 800 kaarsjes zijn er aangestoken! Of in de vasten een babbeltje gaan doen met mensen die zelden of nooit bezoek krijgen in het rusthuis. We merken dat effectief iets 'doen' jongeren aanspreekt.

 

 

Terugdenkend aan je opleiding: wat heb je toen geleerd en gebruik je nu ook in je huidige job?

Spreken voor een groep. Dat blijft voor mij een uitdaging. Maar vorig jaar heb ik voor 8000 man op een podium gesproken en voor de jongerenvieringen in Lier verzorg ik als jongerenpastor de 'preek'. Wat ik ook heb onthouden, is de nadruk die er gelegd werd op het 'proces', bijvoorbeeld in verband met muzische vorming. Omdat de weg die je aflegt, soms belangrijker is dan het uiteindelijke resultaat. Daarom vond ik het derde jaar ongelooflijk interessant, omdat we veel zelf moesten onderzoeken en ontdekken, en daaruit leren. En dat we al in het eerste jaar stages deden. Ik heb toen veel mensen zien stoppen, terwijl ik zelf mocht ervaren 'dit is wat ik wil doen!' Die eerste les was superonhandig, maar je had wel meteen de ervaring van het lesgeven en het managen van een groep kinderen. Je moet soms echt een duizendpoot zijn in de klas.

 

Wat geeft je voldoening?

Als een kamp, waarvoor  je maandenlang alle details hebt uitgewerkt, loopt zoals je het gepland had. Verder vind ik het fijn om erkend te worden in wat je doet. Als iemand die de cursus animator voor het eerst gaat begeleiden, mij opbelt met vragen omdat ze weet dat ik daar veel over weet... dat doet deugd. En de cursus zelf natuurlijk: jongeren die binnenkomen als jongere en na een week tijd vertrekken als animator. Dat hele proces dat ze doormaken, ik vind dat zalig om te zien.

 

Nooit spijt gehad van je keuze voor de lerarenopleiding?

Neen, geen moment. Dat was wat ik wilde doen en nog steeds. Ik voel nu dat het tijd wordt voor iets nieuw, na 4.5 jaar bij IJD. Het is een verrijking geweest, een ervaring die meeneem als ik bijvoorbeeld terug zou keren naar de klas. Ik zou in elk geval minder angst hebben om voor ouders te spreken. Die wisselwerking vind ik heel tof.

Ik wil leraar worden