Deze blog maakt deel uit van een 10-delige reeks rond klasmanagement. In aanloop naar het begin van het nieuwe schooljaar – en de zogenaamde gouden weken – geven we heldere inzichten en praktische tips om rust, structuur en houvast in je klas te brengen.
Elke blog focust op één aspect van effectief klasmanagement: van routines en regels tot relatie en lesontwerp. Geen grote theorieën, maar wat je morgen al kunt toepassen.
Deze reeks is ook de opmaat naar een groter project: een boek over klasmanagement dat later zal verschijnen. Zie deze blogs als een voorproefje van wat komt.
Een klas, of een school, zonder duidelijke regels en afspraken, is als een stuurloos schip zonder kaart, kompas of kapitein. Regels structureren hoe we de wereld zien en onze plaats erin. Om het nut van regels te verduidelijken, wil ik graag een metafoor gebruiken. Een groepje van 8 kleuters en twee volwassenen loopt op het voetpad. De volwassenen houden een touw vast, eentje loopt vooraan en eentje achteraan, en aan dat touw zitten gespreid over de lengte, 4 paar lussen. Elke kleuter houdt zich vast aan een lus. Tijdens het lopen wordt er gelachen en gekletst en de kleuters kijken in alle richtingen hun ogen uit. Ze lijken amper nog te denken aan het vasthouden van het touw, maar ze houden zich stevig vast.
Deze metafoor is een manier om naar het nut van regels en afspraken te kijken. Mocht een regel zichtbaar zijn, dan zou het eruit zien zoals het touw. Het is geen harnas, je zit er niet aan vastgebonden, maar het is wel iets waaraan je moet vasthouden om koers te houden en om daarnaast de vrijheid te hebben om ongestoord rond te kijken.
In dit blog lees je waarom regels essentieel zijn in klasmanagement en hoe je ze effectief formuleert, aanleert én handhaaft.
Het is een misvatting dat leerlingen automatisch weten wat gewenst gedrag is. Volgens Emmer & Evertson (2009) vormt het expliciet aanleren van gedragsverwachtingen een fundament van effectief klasmanagement. In realiteit brengen leerlingen verschillende normen, ervaringen en verwachtingen mee. Denk aan de leerling die het vanzelfsprekend vindt om op een tafel te gaan zitten, tegenover een leerling die geleerd heeft altijd te wachten tot hij iets mag zeggen. Regels zijn dus noodzakelijk om gedeelde verwachtingen te creëren.
Kounin (1970) toonde al aan dat klassen waarin duidelijke kaders zijn gesteld, veel minder ordeverstorend gedrag vertonen. Die kaders beginnen met duidelijke regels, niet als boeien die gedrag beperken, maar als bruggen die richting geven aan samenwerking en veiligheid.
Voordat je regels opstelt, moet je weten waarom. Maar hier gaat het vaak mis: we blijven hangen in mooie woorden zonder concrete vertaling naar de praktijk.
Waarden zijn wat je belangrijk vindt: respect, veiligheid, leren. Normen zijn de ongeschreven verwachtingen die daaruit voortvloeien. Regels zijn de concrete, zichtbare gedragingen die je waarden en normen ondersteunen.
Goede regels bevatten dus waarneembaar gedrag. Vermijd vage termen als “Wees respectvol” of “Doe normaal”. Wat is respectvol? Hoe ziet dat eruit? Sterke regels zijn bovendien positief geformuleerd (“We luisteren naar elkaar”, “We komen op tijd binnen”) - ze vertellen leerlingen wat ze WEL moeten doen, niet wat ze NIET mogen doen. En ze beperken zich tot een handvol kernregels: hoe minder regels je hebt, hoe duidelijker ze blijven hangen2.
Voorbeeld:
Slechte regel: “Doe je best.”
Sterke regel: “Je werkt zelfstandig en in stilte aan je taak.”
Regels zijn pas effectief als ze worden aangeleerd zoals andere leerstof. Doyle (1986) en Marzano (2003) benadrukken het belang van expliciete instructie bij gedragsverwachtingen. Begin met het uitleggen van de regel en waarom die belangrijk is. Laat dan zien hoe de regel eruitziet (modelleren), oefen samen en geef feedback.
Voorbeeld:
De grootste ondermijning van regels? Een leraar die ze zelf niet respecteert. Wubbels en Brekelmans (2005) wijzen op het belang van “congruent gedrag”: dat wat je zegt, klopt met wat je doet. Als je verwacht dat leerlingen luisteren, maar zelf in gesprek blijft met een collega terwijl de bel gaat, creëer je verwarring. Regels werken alleen als ze ook voor jou gelden.
Voorbeeld:
Regel: “Mobiele telefoons blijven in de tas.”
Je checkt zelf stiekem je telefoon? Dan ondermijn je je eigen afspraak.
Regels zijn geen beperkingen, maar een manier om veiligheid, duidelijkheid en structuur te bieden. Leerlingen varen er wel bij. Jij trouwens ook. Je creëert rust, helderheid en ruimte om te onderwijzen.
Deze blog maakt deel uit van de reeks “Klasmanagement kan je leren”. Wil je je er verder in verdiepen?
👉 Schrijf je dan in voor onze vormingsdag op 25 augustus 2025.
Zonder rust in de klas, wordt er amper geleerd. Maar klasmanagement is geen aangeboren talent – je kunt het leren. In deze workshop leer je hoe je onrust voorkomt, niet alleen bestrijdt. Je krijgt concrete strategieën en tools die je de volgende dag al kunt gebruiken in je les.
🕘 Wanneer? Maandag 25 augustus 2025
👥 Voor wie? Leerkrachten kleuter, lager- én secundair onderwijs
- Marzano, R. J., & Marzano, J. S. (2003). *Classroom management that works*.
- Doyle, W. (1986). *Classroom organization and management*.
- Emmer, E. T., & Evertson, C. M. (2009). *Classroom management for middle and high school teachers*.
- Lemov, D. (2015). *Teach Like a Champion 2.0*.
- Sweller, J. (2011). *Cognitive Load Theory*.
- Wubbels, T., & Brekelmans, M. (2005). *Two decades of research on teacher–student relationships*.