Veelgestelde vragen rond werken en studeren (WES)

Wat houdt dat in, werken en studeren? 

Een aantal van onze opleidingen kan combineren met een job of een gezin. Dit houdt in dat we de contactmomenten tot een verantwoord minimum beperken: je komt alleen naar de campus als dat zinvol is. Dat doen we door sterk in te zetten op ‘blended learning’: een combinatie van face-to-face onderwijs en computerondersteund onderwijs met open, flexibele, afstands- en elektronische vormen van leren. 
Sommige van onze opleidingen hebben speciale trajecten ingericht om werken en studeren gemakkelijk te combineren. Het type traject verschilt van opleiding tot opleiding: sommige opleidingen voorzien deeltijds dagonderwijs (bij voorbeeld: één vaste dag per week), anderen hebben weekend- en/of avondonderwijs, nog andere opleidingen zijn volledig op afstand te volgen (Open Hoger Onderwijs). We overbruggen de afstand met sterke coaching en een levendige community. 
Voor sommige opleidingen is er geen apart traject voorzien voor studenten die werken willen combineren met studeren. In dat geval kan je samen met een trajectbegeleider een geïndividualiseerd traject opmaken, waarbij je voor een beperkt aantal momenten per week aansluit bij het gewone dagonderwijs. Op die manier spreid je je opleiding over meerdere jaren.

Aan welke voorwaarden moet ik voldoen om een graduaats- of bacheloropleiding te volgen? 

De voorwaarden om toegelaten te worden voor onze opleidingen vind je hier

Kan ik starten met WES als ik geen diploma Secundair Onderwijs heb behaald? 

Bijzondere toelatingsprocedure voor bacheloropleidingen

Als je niet beschikt over het vereiste diploma, kun je eventueel toegelaten worden tot een bacheloropleiding als je slaagt via een bijzondere toelatingsprocedure. Je komt in aanmerking voor deze procedure als je op 31 december van het eerstvolgende academiejaar de leeftijd van 21 jaar hebt bereikt.  Meer informatie en aanmelden.

Bijzondere toelatingsprocedure voor graduaatsopleidingen

Als je minder dan 3 jaar geleden het getuigschrift behaalde van 6BSO (tweede jaar van de derde graad) of als je om een andere reden niet voldoet aan de toelatingsvoorwaarden, dan kun je via de bijzondere toelatingsprocedure toelating vragen. Meer informatie en aanmelden.

Aan welke voorwaarden moet ik voldoen om een banaba (bachelor-na-bachelor) of een postgraduaat te volgen?

Om tot een bachelor-na-bacheloropleiding te worden toegelaten, moet je beschikken over een bachelordiploma. De programmagids vermeldt welke specifieke diploma’s rechtstreeks toegang verlenen tot een bachelor-na-bacheloropleiding. Voor sommige banaba’s vindt er ook nog een geschiktheidsonderzoek plaats voor je wordt toegelaten. 
Om tot een postgraduaatopleiding te worden toegelaten, moet je beschikken over een bachelor- of masterdiploma. Indien je niet voldoet aan de diplomavoorwaarden kan je ook toegelaten worden als je via een assessment bewijst te voldoen aan de begintermen van de opleiding. 

Op welke manier kan ik vrijstellingen aanvragen? 

Elke student kan vrijstellingen vragen op basis van eerder verworven competenties (EVC) of elders verworven kwalificaties (EVK). Vrijstellingen dien je aan te vragen bij de start van je opleiding en voor de derde woensdag van het academiejaar. Wie inschrijft na de start van het academiejaar dient de vrijstellingen aan te vragen binnen de 2 weken na de inschrijving. Je bespreekt de mogelijkheid van vrijstellingen best meteen met de trajectbegeleider van je opleiding. Denk je in aanmerking te komen voor vrijstellingen? Dan richt je een aanvraag tot vrijstelling tot de opleidingsmanager. Je voegt een dossier toe met de eerder behaalde creditbewijzen, bewijzen van bekwaamheid of andere studiebewijzen.  De opleidingsmanager beslist over de toekenning van de vrijstellingen en over de omvang ervan, indien nodig na overleg met de betrokken docenten. Het aantal studiepunten waarvoor vrijstelling wordt verleend, wordt opgenomen in het individueel studieprogramma van de student. 

Eerder verworven kwalificaties (EVK’s) verwijzen naar een studiebewijs dat aangeeft dat een formeel leertraject met goed gevolg werd doorlopen. Eerder verworven competenties (EVC’s), verwijzen naar het geheel van kennis, inzicht, vaardigheden en attitudes verworven door middel van leerprocessen die niet met een studiebewijs werden bekrachtigd. Indien je meent aanspraak te kunnen maken op een bewijs van bekwaamheid op basis van eerder verworven competenties (EVC) volg je de procedure van de Associatie KU Leuven.

Wat zijn studiepunten en hoeveel studiepunten neem ik op per academiejaar? 

Een studiepunt is een eenheid waarmee de omvang van een opleiding of een opleidingsonderdeel (vak) wordt uitgedrukt. Elk studiepunt staat voor ongeveer 25 tot 30 uren werktijd voor de student. Dit omvat alles: contacturen tijdens de les, stages, examens afleggen, papers schrijven, thuis studeren,… Voor een opleidingsonderdeel (vak) van 4 studiepunten reken je dus 100 tot 120 uren werktijd. In de flexibele werken-en-studeren-trajecten kan je zelf tot op zekere hoogte bepalen in welk tempo je de nodige studiepunten wil verwerven. Meestal kiezen werkstudenten voor een deeltijds studietraject, bij voorbeeld van ongeveer 30 studiepunten. Dit is vaak haalbaar, maar elke situatie is anders.  In je individueel studieprogramma (ISP) leg je daarom best in overleg met je trajectbegeleider vast welke opleidingsonderdelen en hoeveel studiepunten je dit academiejaar opneemt. De opleidingsonderdelen waarvoor je je inschrijft, les je ook examens af.

Wat zijn studievoortgangsmaatregelen?

Om studenten te stimuleren de juiste studiekeuze te maken en om nodeloze studievertraging te voorkomen, zijn er twee systemen die studievoortgang nauw in het oog houden: studievoortgangsmaatregelen (systeem van de hogeschool) en leerkrediet (systeem van de overheid). 
Wanneer je niet voldoende slaagt voor de opleidingsonderdelen waarvoor je je inschreef, volgen er maatregelen. Studievoortgangsmaatregelen gelden ook voor werkstudenten. Daarom is heel belangrijk dat je goed nadenkt over wat een realistisch, haalbaar studieprogramma is voor jou. 

Studievoortgangsmaatregelen van Thomas More hogeschool

  • Wanneer je nog niet geslaagd bent voor 60 studiepunten, en je na de derde zittijd van een academiejaar geslaagd bent voor minder dan 30% van de studiepunten waarvoor je je dat academiejaar inschreef, mag je jouw opleiding niet meer verder zetten (gedurende drie jaar).
  • Wanneer je nog niet geslaagd bent voor 60 studiepunten, en je na de derde zittijd van een academiejaar geslaagd bent voor minder dan 60% van de studiepunten waarvoor je je dat academiejaar inschreef, krijg je een waarschuwing. Je mag jouw opleiding verder zetten, maar onder voorwaarden: je moet het komende academiejaar slagen voor minstens 60% van de studiepunten waarvoor je je inschreef.
  • Wanneer je twee academiejaren niet slaagt voor eenzelfde opleidingsonderdeel, mag je je niet meer inschrijven voor de opleiding (gedurende drie jaar). tenzij je geslaagd bent voor minstens 60% van de studiepunten waarvoor je je inschreef. 
  • Wanneer je drie academiejaren niet slaagt voor eenzelfde opleidingsonderdeel, mag je je niet meer inschrijven voor de opleiding (gedurende drie jaar).

Leerkrediet

Wat is dat dan, dat leerkrediet? Iedereen krijgt van onze overheid een virtuele rugzak met 140 studiepunten leerkrediet. Als je je wilt inschrijven voor opleidingsonderdelen van een bachelor- of banaba-opleiding (niet voor een graduaatsopleiding of postgraduaat), gaat hetzelfde aantal studiepunten waarvoor je je inschrijft van jouw leerkrediet af. Je hebt dus voldoende leerkrediet nodig om je te kunnen inschrijven voor een bachelor- of banaba-opleiding.

Maar geen nood. Je kan de studiepunten leerkrediet ook terug verdienen. Als je slaagt voor een opleidingsonderdeel, krijg je die opgenomen studiepunten leerkrediet terug in jouw virtuele rugzak. Slaag je niet, dan gaan deze studiepunten definitief van je leerkrediet af. Omdat de overheid weet dat iedereen wel eens een verkeerde studiekeuze kan maken en dat het begin van studeren niet altijd gemakkelijk verloopt, voorzien ze een bonus. De eerste 60 studiepunten waarvoor je slaagt, verwerf je dubbel terug in je rugzak.

Meer informatie over het leerkrediet kan je vinden op de website van het Vlaams minesterie van Onderwijs. Wil je weten hoeveel studiepunten leerkrediet jij hebt? Dit kan je raadplegen via deze website van de overheid.

Waar vind ik mijn cursussen en andere studiematerialen? 

Na je inschrijving krijg je toegang tot het digitale leerplatform Canvas en tot het studentenportaal. Langs deze kanalen krijg je niet alleen informatie over elk opleidingsonderdeel waarvoor je bent ingeschreven, maar ze verzamelen voor jou ook al de leermaterialen die nodig zijn voor je opleiding.  Voor een aantal opleidingsonderdelen is het nodig om handboeken, naslagwerken of andere materialen aan te kopen. 

Hoe verlopen de examens?

We gebruiken de toetsvormen die het meest gepast zijn voor je opleiding. Opdrachten, verslagen en andere schriftelijke vormen van rapportering gebeuren hoofdzakelijk digitaal.  Voor praktijktoetsen, mondelinge en schriftelijke examens zal je uitgenodigd worden op de campus tijdens de examenperiode. Voor elk opleidingsonderdeel heb je per academiejaar recht op twee examenkansen. 

Wat houdt het statuut werkstudent in en wie kan er beroep op doen?

Om iedereen evenveel kansen te geven op een succesvolle studie, kunnen sommige studenten een statuut als werkstudent aanvragen om zo beroep te kunnen doen op faciliteiten voor hun lessen, stages of examens. Dat kan gaan om examenfaciliteiten (verplaatsen van examens), het verplaatsen van stages, een vervangingsopdracht voor permanente evaluatie,… We bekijken per student wat er nodig en mogelijk is. 

1. Een werkstudent voldoet aan volgende criteria:   

  • je bent in het bezit van een bewijs van tewerkstelling in dienstverband met een omvang van ten minste 72 uren per maand of de helft van een voltijdse opdracht, gebruikelijk in de sector van tewerkstelling;
  • de opleiding waarvoor je je inschrijft heeft geen specifiek traject voor werkstudenten 

2. Om beroep te doen op faciliteiten:

  • Vul je een online aanvraagformulier in (https://www.thomasmore.be/studenten/studeren-en-werken
  • Vervolgens neemt de coördinator contact op met jou om je vraag te bespreken. Elke aanvraag wordt op maat bekeken. Op basis van de aanvraag en het gesprek kan de coördinator je erkennen als werkstudent. 
  • De coördinator geeft zijn advies aan de opleidingsmanager van jouw opleiding. De opleidingsmanager beslist over de toekenning van faciliteiten en communiceert hierover met jou.

Moet ik verplicht aanwezig zijn?

 

Levert het traject dat ik volg via werken en studeren een volwaardig diploma op? 

Het diploma dat je behaalt is volledig hetzelfde diploma als dat van de reguliere opleiding. 

Is studeren duur? 

Het studiegeld voor graduaatsopleidingen
Het studiegeld voor bacheloropleidingen.
Overzicht van de gemiddelde studiekosten voor het academiejaar 2018-2019
Financiële tegemoetkomingen voor studenten vanwege de Dienst voor Studentenvoorzieningen

Welke financiële tegemoetkomingen bestaan er voor werknemers? 

Vlaams Opleidingsverlof 

De huidige regeling voor het Betaald Educatief Verlof voor werknemers uit de privé-sector wordt omgevormd naar de nieuwe regeling van het Vlaams Opleidingsverlof. We stellen momenteel alles in het werk om er voor te zorgen dat onze opleidingen voldoen aan de nieuwe voorwaarden. De lijst van de erkende opleidingen is beschikbaar vanaf mei 2019 in de opleidingsdatabank van de Vlaamse Overheid. Meer informatie vind je hier.  

Heb ik recht op tijdskrediet? 

Als je in de privé- of non-profitsector werkt, kan je je loopbaan onderbreken om (opnieuw) te gaan studeren door tijdskrediet op te nemen. Een (erkende) opleiding volgen is een geldig ‘motief’ om tijdskrediet op te nemen. Je moet ingeschreven zijn voor minstens 27 studiepunten per jaar of 9 studiepunten per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden. Bovendien moet je minstens 2 jaar bij dezelfde werkgever werken (tenzij het tijdskrediet volgt op ouderschapsverlof). Zowel voltijds als deeltijds (1/2 of 1/5) tijdskrediet zijn mogelijk. De duur is beperkt tot maximaal 36 maanden.

Tijdskrediet is geen absoluut recht. Als het bedrijf waar je werkt maximum 10 werknemers telt, heb je toestemming van je werkgever nodig. Telt het bedrijf meer dan 10 werknemers, dan is tijdskrediet wel een recht, maar kan je werkgever in bepaalde gevallen de begindatum van het tijdskrediet uitstellen.

Als je tijdskrediet opneemt, kan je een maandelijkse onderbrekingsuitkering van de RVA aanvragen. In sommige gevallen betaalt de Vlaamse overheid een aanmoedigingspremie bovenop de uitkering. Toch ben je, als je tijdskrediet wil opnemen, het best bereid om tijdelijk minder te verdienen.

Tijdskrediet vraag je aan bij je werkgever en een onderbrekingsuitkering bij de RVA. Voor de uitkering gelden bijkomende toekenningsvoorwaarden. De specifieke aanvraagprocedures, formulieren en deadlines vind je op www.rva.be.

Bij wie kan ik terecht als ik nog vragen heb? 

Wanneer je doorklikt naar de informatiepagina van je gekozen WES-opleiding vind je onderaan steeds de naam en het mailadres van de coördinator en/of de trajectbegeleider. We vinden het fijn dat je contact opneemt en helpen je graag verder!