Ga naar de hoofdinhoud

Over de relatieve (on)belangrijkheid van knoppenkennis

23/03/2023
Wouter Buelens Onderzoeker
Mitte Schroeven Begeleider professionele ontwikkeling

Al in de tijd toen dieren nog gewoon spraken in plaats van gebruik te maken van sociale media, schreef Richard E. Clark (1983) een overzichtsstudie met als conclusie dat niet het medium ertoe doet, maar wel de instructie. Clark analyseerde studies die het effect van het gebruik van verschillende soorten media (radio, televisie, leraar die ‚Äėdoceert‚Äô ‚Ķ) onderzochten. Althans, dat was de vooropgestelde bedoeling van de studies. Volgens Clark verschilde de leerwinst van de onderzochte groepen echter niet zozeer op basis van het gebruikte medium maar wel de didactische aanpak (Kirschner et al., 2018).[1]¬†Met andere woorden, de effectiviteit van je instructie doet ertoe, niet of je een video, een PowerPoint, een whiteboard of krijtbord gebruikt. Betekent dit dat het inzetten van digitale toepassingen geen zin heeft? Toch niet, maar in plaats van verschillende typen media of digitale tools te vergelijken, kan beter onderzocht worden hoe ze effectief ingezet kunnen worden.

Als niet de tool ertoe doet, maar wel de didactiek, zou je kunnen stellen dat uitgebreide kennis van de functionaliteiten en werking van digitale toepassingen weinig relevant is. Wanneer leraren digitale technologie inzetten en louter over technische knoppenkennis beschikken, gaat dit nauwelijks of geen bijdrage leveren aan het leren van leerlingen. Vakinhoudelijke en vakdidactische kennis zijn doorslaggevend. De waarheid ligt in dit geval letterlijk in het midden (zie Figuur 1).

Een model dat de noodzakelijke kennis van leraren weergeeft om digitale toepassingen effectief en effici√ęnt te integreren in de les, is het TPACK-model. Dit model beschrijft drie kennisdomeinen, namelijk vakinhoudelijke kennis, domeinspecifieke didactische kennis √©n technologische kennis.[2]¬†Effectieve digitale didactiek bestaat dus uit de combinatie van deze drie essenti√ęle kennisdomeinen door leraren (Mishra & Koehler, 2006).

Figuur 1. Optimale inzet van digitale technologie situeert zich op het raakvlak tussen technologische, vakdidactische en vakinhoudelijke kennis (gebaseerd op TPACK.org)

Optimale digitale didactiek kan zelfs betekenen dat je niét kiest voor digitale media. Je kan als leraar op basis van je vakdidactische kennis en ervaring beslissen om een bepaalde oplossingsstrategie stap voor stap, terwijl je je redenering luidop denkend toelicht, op een krijtbord aan te brengen.

Het belang van vakdidactische en vakinhoudelijke kennis betekent echter niet dat knoppenkennis totaal onbelangrijk is en dat alle professionaliseringen voor leraren op dat vlak overbodig zijn. Knoppenkennis is weliswaar geen doel op zich, maar dit kennisdomein is net als de twee andere noodzakelijk voor effectieve door technologie ondersteunde instructie. Als je niet weet hoe een digitale tool werkt en welke mogelijkheden er allemaal zijn, kan je hem ook niet op een effici√ęnte en effectieve manier inzetten in je lessen.

We illustreren dit aan de hand van een aantal concrete voorbeelden.

  • Quizlet¬†is een toepassing die in zijn meest eenvoudige vorm toelaat om digitale flashcards te maken. Het maken van¬†studiesets¬†vergt vrij beperkte technologische kennis. Als je leerlingen bepaalde kennis geautomatiseerd hebben, bijvoorbeeld het omzetten van inhoudsmaten en lengtematen, kan het zinvol zijn af te wisselen in oefentypes (interleaving). In Quizlet is de functionaliteit ‚ÄėStudiesets combineren‚Äô aanwezig (zie Figuur 2). Deze optie maakt dat je met enkele muisklikken je leerlingen een studieset kan aanbieden waarbij ze afwisselend oefenen in het omzetten van lengte- en inhoudsmaten. Kennis hebben van de optie, het achterliggend mechanisme en weten hoe de optie te activeren draagt bij aan een effectieve inzet van de tool uitgaande van wat je didactisch wil verwezenlijken.

Figuur 2. Een combinatie maken van twee verschillende oefentypes in Quizlet.

  • Een kennisclip live in de les afspelen waarin je een concept uitlegt, betekent¬†an sich¬†geen meerwaarde. Als je het begrip zelf in de klas zou uitleggen, gaat de uitkomst gelijkaardig of zelfs beter zijn. Een voordeel van video is echter dat leerlingen deze kunnen herbekijken (Noetel et al., 2021). Als je dan bijvoorbeeld met¬†EdPuzzle¬†een interactieve laag toevoegt aan de video, kan je een grotere meerwaarde cre√ęren (zie Figuur 3). Door vragen in te lassen, zorg je immers dat leerlingen kunnen nagaan of ze de inhoud begrepen hebben, richt je hun aandacht op belangrijke elementen (signaleringsprincipe) en zet je hen aan tot het actief ophalen van informatie uit het geheugen (retrieval practice). Zonder de nodige knoppenkennis kan je deze principes niet realiseren in je kennisclip.

Figuur 3. Illustratie van het toevoegen van meerkeuzevragen aan een YouTube video in EdPuzzle (Video van youtube.com/@WisWereld)

  • Automatisch ingebouwde feedback kan een meerwaarde zijn bij zelfstandig digitaal oefenen. Een digitale tool kan onmiddellijk weergeven of een antwoord juist of fout is, maar dat is eerder informatiearme feedback. Echt zinvol voor het leren wordt het wanneer je feedback op de taak of op het proces inbouwt. Deze feedback is idealiter afgestemd op wat leerlingen antwoorden. Zo kan je in¬†Google Forms¬†(zie Figuur 3) of¬†Bookwidgets¬†feedback voor foute antwoorden ingeven, en andere feedback voor een juist antwoord. Je kan bovendien ook hints inbouwen in de oefeningen waardoor leerlingen extra ondersteuning kunnen krijgen.

Figuur 3. Voorbeeld van feedback en aangepaste extra bronnen voor goede en foute antwoorden in Google Forms

Bovenstaande voorbeelden illustreren dat je technologie weliswaar steeds ondersteunend inzet ‚Äď bijvoorbeeld als hefboom voor leer- en instructiestrategie√ęn (Yeung et al., 2021) ‚Äď maar dat de technologische component van een toepassing hierin niet onbelangrijk is. Louter en alleen knoppenkennis waarbij een digitaal medium ondoordacht ingezet wordt, gaat je les niet verbeteren. Maar door de verschillende mogelijkheden van de digitale tools die je gebruikt, goed te leren kennen, vergroot je wel de mogelijkheden om ze op zo‚Äôn manier in te zetten dat ze ook echt voor een meerwaarde zorgen tijdens je lessen.

Het is dan ook van belang tijdens professionaliseringen op het vlak van digitale didactiek in te zetten op de nodige technologische kennis, maar steeds in combinatie met vakinhoudelijke en -didactische kennis. Daarnaast is het raadzaam een keuze te maken voor bepaalde tools, om leraren (en leerlingen) niet te overweldigen met een overvloed aan digitale toepassingen. Op deze manier krijgen leraren de kans de opties van digitale toepassingen te leren kennen en deze te benutten in functie van het versterken van hun instructie.

Bronnen

Clark, R. E. (1983). Reconsidering Research on Learning from Media.¬†Review of Educational Research, 53(4), 445‚Äď459.¬†https://doi.org/10.3102/00346543053004445

Kirschner, P. A., Claessens, L., & Raaijmakers, S. (2018). Op de schouders van reuzen: Inspirerende inzichten uit de cognitieve psychologie voor leerkrachten. Ten Brink Uitgevers.

Mishra,¬†P., & Koehler,¬†M. (2006). Technological Pedagogical Content Knowledge: A Framework for Teacher Knowledge.¬†Teachers College Record, 108(6), 1017‚Äď1054.¬†https://doi.org/10.1111/j.1467-9620.2006.00684.x

Noetel,¬†M., Griffith,¬†S., Delaney,¬†O., Sanders,¬†T., Parker,¬†P.¬†D., Del Pozo Cruz,¬†B., & Lonsdale,¬†C. (2021). Video improves learning in higher education: A systematic review.¬†Review of Educational Research, 91(2), 204‚Äď236.¬†https://doi.org/10.31234/osf.io/kynez

Yeung,¬†K.¬†L., Carpenter,¬†S.¬†K., & Corral,¬†D. (2021). A Comprehensive Review of Educational Technology on Objective Learning Outcomes in Academic Contexts.¬†Educational Psychology Review, 33(4), 1583‚Äď1630.¬†https://doi.org/10.1007/s10648-020-09592-4

[1]¬†Voor een Nederlandstalige bespreking van het artikel en de implicaties voor het onderwijs, zie ‚ÄėOp de schouders van reuzen‚Äô van Kirschner et al. (2018), pagina 119.

[2]¬†Onderwijstechnologie is natuurlijk meer dan uitsluitend digitale toepassingen. Effectief en effici√ęnt kunnen werken met een krijt- of whiteboard veronderstelt ook specifieke (technologische) vaardigheden.

Verwante blogs